Beelddenken, Dyslexie en andere stempels

Leg lijstjes met kenmerken van Beelddenkers, AD(H)D-ers of Dyslectici naast elkaar en je ziet behoorlijk wat overeenkomsten. Ook Autisten en Hoogbegaafden blijken veel overeenkomsten met beelddenkers te hebben. Hoe komt dat? Hebben die diagnoses iets met elkaar te maken??

Iedereen wordt als beelddenker geboren. Uit onderzoek van Jaap Murre (hoogleraar theoretische neuropychologie aan de UvA) blijkt dat rond het 4e levensjaar taal- of beelddenken dominant wordt of blijft. Dit geldt zowel voor het korte als voor het lange termijn geheugen. Deze voorkeur kan aangeboren en vrij zijn, maar ook veroorzaakt worden door een barrière als AD(H)D of Dyslexie. Overschakelen naar talig denken, zoals op school nodig is, lukt dan niet of maar gedeeltelijk. Zo kan een talent uit noodzaak geboren worden.
Even de verschillende diagnoses op een rijtje. Beelddenken is een manier van leren, van informatie opnemen en verwerken. Beelddenkers denken met al hun zintuigen en hebben een talent voor oa visualiseren. Dyslexie is een neurologische stoornis. Er worden door sommige deskundigen 2 verschillende vormen van dyslexie onderkent, de spellers en de beelddenkers. Deze laatste hebben uiteraard de meeste overeenkomsten met kinderen die wel in beelden denken maar geen dyslexie hebben. ADD en ADHD zijn gedragsstoornissen. Het blijkt dat veruit de meeste AD(H)D-Nieuwsgierigers beelddenkend zijn. Autisme is een ontwikkelingsstoornis. Er bestaan diverse vormen, zoals klassiek autisme, Asperger of PDD-NOS. Kinderen met autisme ontwikkelen wel, maar over het algemeen langzamer (of op een specifiek gebied juist veel sneller) dan andere kinderen. Denken in beelden blijkt voor deze mensen vaak pure noodzaak. Hoogbegaafdheid heeft ook een ontwikkelingsoorsprong. Sommige deskundigen onderscheiden 2 vormen van HB. De pientere mensen en de hoogbegaafde mensen. Pienter (wat je leert, doe je snel en makkelijk en onthoud je goed) Hoogbegaafd (bedenkt liever zelf en legt verbanden met andere inzichten, waardoor nieuwe ontstaan. Deze laatste vorm heeft de meeste overeenkomsten met beelddenkers.
Ik geef de voorkeur aan het kijken naar al de talenten van deze kinderen. Hun creativiteit, associatieve vermogen, top-downbenadering en snelheid van denken bijvoorbeeld.
 
Op 8 april is er een lezing bij Kadmium over de verschillen en vooral de overeenkomsten tussen de genoemde diagnoses. Toegang is gratis, wel graag even opgeven via: www.het-luisterrijk.nl/praktisch/contact

Soms is het even zoeken naar de ingang!

In de afgelopen periode kreeg ik de volgende vraag voorgelegd. Onze zoon (11 jaar) met Dyslexie is na 2 jaar uitbehandeld bij de praktijk waarbij hij dyslexietraining kreeg. Hij ging niet meer vooruit, maar wat we erger vinden; hij is zijn motivatie om te lezen en leren kwijt. Hij wil zijn dyslexie niet accepteren. Zou de Ik leer anders-methode iets voor hem zijn? En kun jij daarin iets voor hem betekenen? Lees verder

Wie is gebaat bij ANDERS LEREN?

Eind vorig jaar volgde ik een cursus tot trainer LEREN LEREN Methode. Als coach voor beelddenkende kinderen en jongeren, was en ben ik enthousiast over de training, maar toen ik mijn eigen folders voor de training  maakte, vroeg ik me ineens af waarom een training voor beelddenkers ook geschikt is voor kinderen en jongeren met  Dyslexie, AD(H)D of vormen van autisme. En waarom ook hoogbegaafde kinderen en jongeren zichzelf ermee kunnen helpen. Ik ben me er in gaan verdiepen en ontdekte onder meer het volgende.   Lees verder

Tips bij anders leren

Om ANDERS LERENDEN te helpen bij het opnemen, verwerken en reproduceren van lesstof, kunnen ouders en leerkrachten wel wat tips gebruiken. 

Het is vooral belangrijk om te weten dat informatie op meerdere manieren naar het Lange Termijn (LT) geheugen kan worden gebracht.

Je herhaalt het heel vaak (200 keer), je voegt een emotie toe of je maakt de lesstof speciaal. Vaak herhalen is vaak saai en een emotie toevoegen is heel erg vermoeiend en op de lange duur niet uitvoerbaar. Lesstof speciaal maken, maakt leren makkelijker en leuker en kan op heel veel manieren, zoals:

  • Maak het 3D (kleien of bouw een maquette);
  • Laat het beleven (kleien, musea);
  • Koppel leren aan bewegen (balgooien, traplopen, hinkelen of rondjes om de tafel tijdens het leren);
  • of visualiseer de lesstof (tafelkalender, conceptmap, eigen landkaart tekenen, ik-leer-anders).
  • Stimuleer samenwerking van de r/l hersenhelft (tweehandige oefeningen, kruispassen, touwtjespringen, Bal-a-Vis-X);

 fotoshoot-myra_13-maart-2012_laura-de-haan__dsc4305

 Kijk voor ideeën hierover ook eens op https://www.facebook.com/HetLuisterrijk?ref=hl

Uitdagingen voor ANDERS LERENDEN en tips voor begeleiders:

Hieronder staan de meest bekende uitdagingen voor ANDERS LERENDEN genoemd. Daarbij is aangegeven hoe ze daarmee thuis en in de klas kunnen worden geholpen. 

Denken vanuit een totaalbeeld: Een beelddenker kan een totaalbeeld moeilijk opbouwen vanuit losse deeltjes. Hij is wel in staat om vanuit het geheel terug te redeneren (top-down). Laat ze vooraf een samenvatting lezen of geef ze de leerdoelen van een les vooraf.

Snel afgeleid, de wereld beleven: Talige denkers kunnen volgtijdelijk redeneren en daardoor makkelijker afstand nemen van vervelende situaties. Een beelddenker kan dit niet goed. Ze reageren daardoor vaak heftig en emotioneel op hun omgeving. In de klas zitten ze vaak met hun gezicht naar de muur om afleiding te voorkomen. Aan de buitenkant van de klas zitten, met hun rug naar de muur en met het gezicht naar het bord, is vaak de beste plek.

Driedimensionaal denken: Een beelddenker kan objecten in zijn hoofd laten draaien. Jonge beelddenkers zie je daardoor vaak letters en cijfers spiegelen. De b wordt een d of een q. Je kunt het alfabet visueel inprenten, werken met een letterzak of het alfabet kleien

“Ik denk in beelden, jij onderwijst in woorden”: In de klas leren de meeste leerlingen (auditief informatiesysteem) vrij makkelijk woorden spellen en lezen. Het kleine groepje beelddenkers ziet eerst een beeld (of bewegende film) bij wat er gezegd wordt, het juiste woord moet worden gezocht en er moet bedacht worden hoe dat woord wordt geschreven. Geef deze kinderen meer tijd bij het dictee.

Informatie opslaan; geen woorden maar plaatjes: Beelddenkers kunnen heel goed informatie onthouden, als die in beelden wordt aangeboden. Alle ongrijpbare informatie(letters, cijfers, tijd) kun je visueel maken of het ze laten ervaren (kleien, voelen).

Geen tijdsbesef: planning en organisatie: Geen tijdsbesef, werk niet af altijd te laat, de verkeerde boeken in je tas, sporttas vergeten…… het maakt ze onzeker. De oplossing is simpel; Visualiseer de tijd!! Met een kleurenklok, planbord agenda, takenkaart, etc

Impulsief gedrag, directe behoefte willen vervullen: Beelddenkers blijven meer bij het primair leerproces. Gevolg hiervan is dat ze vaak direct hun behoefte willen vervullen. Autoriteit maakt niet veel indruk, het gevoel van binnen overheerst. Het kind krijgt onterecht het stempel niet in staat om te luisteren. Geduld kan worden aangeleerd door de wachttijd visueel te maken of te vragen om zich voor te stellen of twee dingen tegelijk kunnen gebeuren.

 

.

 

 

 

 

 

 

 

dyslexie en touwtjespringenDyslexie en touwtjespringen

Het boek Dyslexie en touwtjespringen van Marijke van Vuure , biedt een scala aan tools om met ANDERS LERENDE kinderen en jongeren aan de slag te gaan.

De oefeningen richten zich vooral op de verbetering van de communicatie tussen beide hersenhelften. Er kan op een natuurlijkere manier gebruik worden gemaakt van zowel de auditieve als de visuele leerstijl. Dit maakt leren makkelijker. Ook de tastzin wordt bij diverse oefeningen aangesproken. Beelddenkers beleven hun omgeving namelijk vaak intenser dan niet-beelddenkers. Zo kunnen we bijvoorbeeld aan de slag met het kleien van het alfabet of het tekenen met twee handen tegelijk.

Ik-leer-anders-methode

De “ik leer anders”-methode leert je om informatie te vertalen naar JOUW informatiesysteem: visueel of een combinatie van visueel en auditief. De training is voor leerlingen die problemen hebben met taal, rekenen, onthouden en automatiseren van informatie, organisatie (plannen) en/of klokkijken.

De methode ‘Ik leer anders’ helpt kinderen de weg te vinden in school, maar ook de rest van hun leefwereld. Je ziet direct of de leermethode werkt. Een beelddenker spelt een woord met gemak van voor naar achter en van achter naar voor. Dat lukt alleen als je het woord kan visualiseren. Altijd proberen! Want als je zoon of dochter in beelden denkt, wordt het leren opeens een stuk makkelijker. Bij twijfel kun je altijd contact opnemen.

Kosten:

Intake: € 40,-, incl. BTW (nu als introductiekorting)

Vervolgsessies: € 60,- per uur, incl. BTW

Nodig voor de (basisschool)training: het werkboek “Ik Leer Anders” van Agnes Oosterveen. Te koop bij Het Luisterrijk, de boekhandel, of via www.bol.com voor € 39,-.

Anders Leren

Mensen verschillen van elkaar en iedereen leert op zijn eigen manier. Daarbij spelen diverse factoren een rol. Denk bijvoorbeeld aan karakter, IQ of ervaring. Ook de manier waarop je je omgeving waarneemt en informatie verwerkt, speelt een belangrijke rol. Hierin zit vaak het verschil voor kinderen, die ANDERS LEREN. Ze nemen bijvoorbeeld meer visueel of op gevoel waar. Of ze kunnen beter waarnemen als ze intuitief kunnen reageren en niet te veel gestuurd worden. Daarmee is niet iedereen die ANDERS LEERT, gebaat bij dezelfde vorm van hulp.

Over manieren van leren bestaan diverse theorieën. Gardner, Jung en Kolbe hebben ieder hun eigen indeling en theorie ontwikkeld. Ik hanteer voor de eenvoud de indeling naar gehoor, zicht en gevoel. Een onderscheid in auditieve, visuele en kinesthetische leerstijl. Auditief leren wordt ook wel taaldenken genoemd en bij visueel leren wordt veel gesproken over beelddenken. Op gevoel leren komt bijna altijd voor in combinatie met 1 van de 2 andere stijlen.

Hoe ziet het er in jou hoofd uit?

Op scholen wordt van oudsher veeal op een auditieve manier lesgegeven. Dit maakt dat kinderen, die visueel of kinesthetisch leren nogal eens tegen leerproblemen aanlopen, terwijl zij qua intelligentie of wilskracht zeker niet onder doen voor hun klasgenoten.

Hoe kun je kinderen en jongeren, die in beelden denken herkennen? En hoe kun je als ouder of leerkracht deze kinderen helpen? Het Luisterrijk biedt naast individuele coaching, cursussen en trainingen ook tips&tools. Dit kan in de vorm van een workshop of lezing voor leerkrachten of ouders of in een 1 op1 gesprek.

Naast een verschil in leerstijlen, bestaat er ook (veel) verschil in leerbehoeften. Onder leerbehoeften wordt alles verstaan wat iemand nodig heeft om lekker te kunnen leren. De één leert het liefst alleen, de ander met iemand samen. De één heeft veel persoonlijk contact met een leerkracht nodig, de ander zoekt het liefst zelf uit wat de bedoeling bij een opdracht is. En zo bestaan er nog diverse andere leerbehoeften

Bij mijn manier van werken ga ik er van uit dat kinderen hun eigen hulpbronnen hebben en zelf goed kunnen bedenken wat hen zou kunnen helpen.  Dit betekent dat ik samen met de kinderen op zoek ga naar wat voor hun het beste werkt. Hierbij spelen ouders een ondersteunende rol.

Ook voor kinderen die niet (alleen) in beelden denken, werken visuele leermethoden heel goed!